Wij bieden verschillende vormen van ondersteuning op het gebied van ruimtelijke planning:

 

     

     

    Structurerende werking van infrastructuur

    Om een beter beeld te krijgen van de structurerende werking van infrastructuur, heeft de Directie Zuid-Holland van Rijkswaterstaat een longitudinaal onderzoek laten uitvoeren naar de ruimtelijke effecten van de N11. Daarbij ging het om ontwikkelingen van de weg op de bedrijvigheid, de woningvraag en de infrastructuur in het gebied. Wij hebben indicatoren voor deze ontwikkelingen in kaart gebracht en hebben ook een nulmeting uitgevoerd, op basis van bestaande bronnen.

     

Terug naar de top van de pagina

     

    Effecten woonomgeving op mobiliteit

    Doel van dit project was de relatie vast te stellen tussen kenmerken van de woning, de straat en de wijk waar mensen wonen, met hun vervoerwijzekeuze en hun verplaatsingsgedrag. Daarnaast zijn de vervoerwijzekeuze en het verplaatsingsgedrag in de tijd geanalyseerd en gerelateerd aan veranderingen in ruimtelijke kenmerken. Gebleken is dat de genoemde onderwerpen nauw met elkaar samenhangen. De resultaten van het onderzoek zijn gebruikt bij de ontwikkeling van een simulatiemodel. Daarnaast zijn de resultaten veelvuldig ingebracht bij stedenbouwkundige projecten.

       

Terug naar de top van de pagina

     

    Ruimtelijke effecten prijsbeleid

    Doel van het project was vast te stellen in hoeverre prijsbeleid bij verkeer en vervoer ruimtelijke effecten heeft op wonen, werken en voorzieningen. Op basis van een denkmodel zijn we nagegaan in welke mate prijsbeleid effect heeft op het verplaatsingsgedrag van huishoudens en bedrijven, en in hoeverre het ruimtelijk keuzegedrag van huishoudens en bedrijven verandert. Het model is toegepast op de kilometerheffing, parkeertarieven en rekeningrijden. De resultaten worden onder meer gebruikt in onderzoek naar de ruimtelijke effecten van meer betalen voor mobiliteit.

       

Terug naar de top van de pagina

     

    Ontwikkelingsschets Middelburg

    In samenwerking met deskundigen uit een groot aantal verschillende vakdisciplines, hebben we een toekomstvisie opgesteld voor Middelburg in 2030. Onze inbreng betrof regionaal-economische kennis. Zo verschaften wij inzicht in de te verwachten ontwikkelingen in het bedrijfsleven, de detailhandel en de sector toerisme en recreatie. Ook hebben we de beleidsmaatregelen beschreven om deze ontwikkelingen te beïnvloeden. De effecten daarvan zijn kwantitatief onderbouwd. De effecten op andere deelterreinen (milieu, natuur, verkeer, wonen en welzijn) en de raakvlakken ermee, zijn vastgesteld in overleg met andere deskundigen.

       

Terug naar de top van de pagina

     

    Stationsontwikkeling

    In de toekomst zullen mensen steeds complexere 'ketens' van verplaatsingen maken. Wij hebben onderzocht of deze mobiliteitsontwikkelingen zijn om te buigen ten gunste van het openbaar vervoer, door te voorzien in extra stationsvoorzieningen zoals winkels, cafés en kappers. In het bijzonder hebben we gekeken naar de perspectieven van omzetting van stations van vervoerknooppunten in ontmoetings en bestemmingsplaatsen, Gebleken is dat op deze manier flinke stappen vooruit zijn te zetten.

     

Terug naar de top van de pagina

     

    Ontwikkeling binnenstad Meppel

    In samenwerking met deskundigen uit een groot aantal verschillende vakdisciplines, hebben we een toekomstvisie opgesteld voor Meppel in 2030. We hebben daarbij de regionaal-economische inbreng verzorgd. Zo hebben we inzicht verschaft in de te verwachten ontwikkelingen in het bedrijfsleven, de detailhandel en de sector toerisme en recreatie. Ook zijn de beleidsmaatregelen beschreven om deze ontwikkelingen te beïnvloeden. De effecten daarvan zijn kwantitatief onderbouwd. De effecten op andere deelterreinen (milieu, natuur, verkeer, wonen en welzijn) en de raakvlakken ermee, zijn vastgesteld in overleg met andere deskundigen. In het project hebben wij de nadruk gelegd op de noodzaak van verdere ontwikkeling van de binnenstad.

       

Terug naar de top van de pagina

     

    Kansen voor ontwikkeling stationsemplacementen

    Voor VROM hebben we de ontwikkelingsmogelijkheden in kaart gebracht van een groot aantal spoorwegemplacementen in binnensteden. Welke potentie hebben deze zones en gebieden vanuit het oogpunt van ruimtelijke inrichting? Gekeken is naar economische en ruimtelijke argumenten voor of tegen een eventuele functieverandering. De plannen zijn onderbouwd ingebracht bij de ICES-financieringsbronnen.

     

Terug naar de top van de pagina

     

    Financiering infrastructuur uit grond

    Wij hebben ons gebogen over mogelijkheden om de kosten van infrastructuur (deels) te verhalen uit de grondexploitatie. Daarbij ging het niet over de financiering van infra binnen plannen, maar juist om de bovenplanse infrastructuur! Gebleken is dat er mogelijkheden zijn ten opzichte van andere publieke voorzieningen zoals groen en water, maar dat van deze benadering ook weer geen overdreven hoge verwachtingen mogen worden gekoesterd.

     

Terug naar de top van de pagina

     

    Evaluatie locatiebeleid

    In het ruimtelijk beleid speelt het locatiebeleid van bedrijven en voorzieningen een belangrijke rol. Ten tijde van VINEX en SVVII werd hierbij onderscheid gemaakt tussen A, B en C-locaties. Om de voortgang van het locatiebeleid te kunnen beoordelen, hebben wij in 1997 een basisdocument ‘Monitor ABC-locaties’ ontwikkeld. Hierin hebben we op hoofdlijnen de ontwikkelingen in de vestiging van bedrijven en voorzieningen weergegeven, alsmede de effecten op de (auto)mobiliteit, op het niveau van stadsgewesten, landsdelen en Nederland als geheel. Een parlementaire onderzoekscommissie rapporteerde dat het rapport de doodsteek vormde voor het klassieke locatiebeleid.

 

Terug naar de top van de pagina